Endocrinologie / diabetologie

De endocrinologie richt zich op het opsporen en behandelen van aandoeningen die ontstaan door afwijkingen in hormonale of endocriene klieren. Deze klieren geven hun stoffen rechtstreeks af in het lichaam en omvatten onder meer de schildklier, bijschildklieren, hypofyse, geslachtsklieren en bijnieren. Daarnaast behandelt de endocrinologie ook stofwisselingsstoornissen, zoals diabetes (suikerziekte), cholesterolproblemen en overgewicht.

Zwangerschapsdiabetes

Zwangerschapsdiabetes is een tijdelijk vorm van diabetes tijdens de zwangerschap. Het lichaam reageert tijdens de zwangerschap tijdelijk minder goed op het hormoon insuline. Daardoor blijft er teveel suiker in het bloed zitten.

Bij elke zwangere wordt tijdens het eerste contact een bloedname uitgevoerd waarbij de nuchtere glucose in het bloed wordt bepaald. Indien de glucose in het bloed tussen 95 en 125 mg/dl is, spreekt men van vroege zwangerschapsdiabetes en volgt er opvolging door de endocrinoloog. Als de nuchtere glucose ≥ 126 mg/dL is, spreekt men van diabetes, waar ook opvolging door endocrinoloog noodzakelijk is. 

Wanneer de nuchtere glucose minder dan 95 mg/dl is, wordt er tussen de 24ste en 28ste week van de zwangerschap een glucose challenge test uitgevoerd. De zwangere drinkt een oplossing met 50 gram glucose op een willekeurig moment van de dag, niet nuchter. Een uur later volgt er een bloedname. Indien dit resultaat ≥ 130 mg/dL is, is er een tweede suikertest nodig.
De zwangere krijgt dan, na een nuchtere bloedname, een oplossing met 75g glucose. De glucose in het bloed wordt 1 uur en 2uur na het innemen van het drankje bepaald. Indien één van deze waarden afwijkend is, wordt de zwangere doorverwezen naar de endocrinoloog en diëtiste.

Bij vrouwen met risicofactoren (zoals een BMI ≥ 30 of vroegere zwangerschapsdiabetes), waarbij de nuchtere glucose < 95 mg/dL is, wordt er onmiddellijk een uitgebreide suikertest (75gram glucose) uitgevoerd.
Indien de zwangere een nuchtere glucose heeft tussen 95 en 125 mg/dL en/of na 1 uur en/of na 2 uur een verhoogde glycemie heeft, spreekt men van vroege zwangerschapsdiabetes. Indien de nuchtere waarde ≥ 126 mg/dL bedraagt, spreekt men van diabetes. In beide gevallen wordt de zwangere dan doorverwezen naar endocrinoloog.

Vrouwen die een gastric bypass hebben ondergaan mogen geen suikertest doen. Als de nuchtere glucose bij het eerste contact < 95 mg/dL is, wordt er rond de 24ste zwangerschapsweek gevraagd om enkele dagen een glucose dagprofiel te doen.  Indien de nuchtere glucose tussen 95 en 125 mg/dL is, spreekt men van vroege zwangerschapsdiabetes. Indien de nuchtere glucose ≥ 126 mg/dL is spreekt men van diabetes. Ook hier wordt in beide gevallen de zwangere doorverwezen naar de endocrinoloog. 

Gezonde voeding en beweging tijdens de zwangerschap zijn heel belangrijk. Indien er zwangerschapsdiabetes wordt vastgesteld, wordt de zwangere opgevolgd door het bepalen van de glycemie via vingerprikken en indien nodig wordt er met insuline gestart.

Na de geboorte herstelt de bloedsuikerspiegel zich doorgaans. Er is wel een verhoogd risico op zwangerschapsdiabetes bij een volgende zwangerschap en ook op diabetes type 2 op latere leeftijd. 3 maanden na de bevalling wordt er opnieuw een OGTT uitgevoerd. 

Een niet-behandelde zwangerschapsdiabetes kan leiden tot een hoge bloedsuikerspiegel, waardoor er een hoger risico is op een baby met een geboortegewicht van meer dan 4 kg en dus ook een moeilijkere bevalling. Verder is er meer kans op problemen met hoge bloeddruk tijdens de zwangerschap.